Frankolijnen

Algemeen.
Frankolijnen behoren tot de kleine hoenderachtigen en zijn dus verwant aan onze kippen.
Ze zijn groter dan kwartels en vergelijkbaar met patrijzen.
Het gemiddelde gewicht van de frankolijnen ligt tussen 300 en 500 gram.

Er bestaan wereldwijd 42 soorten frankolijnen. Zij komen in vrijwel alle gebieden van de wereld voor.
In onze kleindiersport zien we frankolijnen nog maar sporadisch. Onbekend maakt onbemind.

Frankolijnen zijn echte grondvogels maar vliegen kunnen ze ook goed, vooral over korte afstand.
Dit doen ze vaak als ze ergens van schrikken en op de vlucht gaan.
Omdat de frankolijnen op en in de grond hun voedsel zoeken hebben zij een forse scherpe snavel en
stevige poten met sterke scherpe nagels en sporen.

10-4-01_Halsband_Frankolijn_1-1_1_320x200
Halsbandfrankolijn (Francolinus francolinus) haan (op de voorgrond) en hen (op de achtergrond) © N.H. van Wijk

Enkele soorten
Bij fokkers zien we vrijwel alleen de Halsbandfrankolijn, die wat grootte betreft vergelijkbaar is met
de kleinste krielkippen.
Deze soort leeft in subtropisch Azië (India, Bangladesh, Pakistan, Iran, Irak tot in Syrië, Israël en
zelfs Zuid-Turkije) en heeft een schitterend getekend en gekleurd verenkleed met een duidelijk
geslachtsdimorfisme. Dit betekent dat de haan en de hen uiterlijk duidelijk van elkaar verschillen en
daardoor goed herkenbaar zijn.
Niet alle soorten frankolijnen kennen geslachtsdimorfisme. Bij sommige soorten zijn de haan en de hen
vrijwel gelijk getekend en gekleurd en is het herkennen van hanen en hennen haast onmogelijk.
De echte kenner herkent dan vaak het geslacht aan het gedrag van het dier. Zeker in het
voortplantingsseizoen is dat vaak goed mogelijk.

10-4-02_Erckel_Frankolijn_320x200 Erckelfrankolijn (Francolinus erckelii) haan © N.H. van Wijk

Een tweede soort die we soms bij fokkers en liefhebbers zien is de Erckelfrankolijn.
De Erckelfrankolijn komt in het wild voor in het Noord-Oost Afrika.
Deze frankolijn is vrij groot (ruim 1200 gram). De Erckelfrankolijn kent geen uiterlijk onderscheid
tussen haan en hen.

Verzorging
Frankolijnen zijn niet zo makkelijk te houden als onze kippen en worden ook niet zo tam.
De fokker of liefhebber moet hiermee rekening houden. Om de dieren toch wat rustiger te maken
hebben ze een flinke ruimte nodig, bv. een grote volière met veel schuilmogelijkheden in de vorm van
planten en struiken. Omdat de dieren zich dan beter thuis voelen, worden ze minder schrikachtig.

Alle hoenderachtigen, dus ook frankolijnen, moeten kunnen zandbaden. In de volière moet u daarom
een gedeelte met een dikke laag schoon zand bedekken en zorgen dat dit zand droog blijft.
Zonder zandbaden voelen frankolijnen zich niet compleet.

Frankolijnen kunnen meestal niet tegen vorst. Deze vogels hebben in de winter een gesloten vorstvrij
nachthok nodig.

Frankolijnen zijn van nature monogame dieren. Een haan en de hen vormen een koppel. Andere hennen
worden niet geaccepteerd.
Hanen die in voortplantingsconditie komen verdedigen hun eigen gebied (territorium) fel tegen andere
hanen en andere dieren.
Frankolijn-hanen kunnen in het voorjaar ook behoorlijk veel lawaai maken en daar moet u ook rekening
mee houden.

Grondvogels als frankolijnen maken een eenvoudig nest door middel van een ondiep gat in de grond.
De bekleding van het nest stelt niet veel voor. Frankolijnen broeden goed hun eieren uit en brengen de
jongen meestal samen groot.
U kunt de eieren ook in een broedmachine uitbroeden. De broedduur verschilt per soort, maar valt
tussen de 18 en 21 dagen. De kuikens gedijen prima op speciaal opfokvoeder voor siervogels.

Frankolijnen zijn in de vrije natuur alleseters, dus zowel zaden, groenvoer als insecten. Wij geven deze
dieren siervogelvoeder dat in de handel te koop is. Siervogelvoeder bevat meer dierlijke eiwitten dan
voeder voor kippen. Vooral in het voortplantingsseizoen en tijdens de rui hebben frankolijnen meer eiwit
nodig. Levend voer in de vorm van meelwormen is ook prima. De dieren leren snel dat u ze meelwormen
komt voeren en worden daardoor ook tammer. Meelwormen koopt u ook in een goede diervoederwinkel.
Bijvoeren met groenvoer is zeker aan te bevelen. De dieren zijn er verzot op. Hiervoor is fijn geknipt
gras, sla, andijvie, witlof of vogelmuur geschikt. Stukken appel, wortel en meloen worden ook gegeten.
Tot slot, de dieren moeten altijd vers drinkwater tot hun beschikking hebben, evenals een bakje met
grit voor de kalkvoorziening en maagkiezel voor de spijsvertering.

Frankolijnen zijn prachtige siervogels, nog weinig bekend, maar bijzonder boeiend.
U begrijpt uit het bovenstaande dat frankolijnen geen makkelijke siervogels zijn en niet geschikt voor
beginnende liefhebbers.
Wilt u eerst ervaring opdoen met makkelijke kleine hoenderachtigen, kies dan voor kwartels.
Later kunt u dan als nog frankolijnen gaan houden.

Heeft u interesse in deze siervogels, oriënteer u dan goed voordat u uw keuze maakt en neem geen
overhaaste beslissing.
Ga vooral ook eens kijken bij een fokker van frankolijnen. Daar leert u nog het meest van.